Bonaire, Divers Paradise.

Al snel na de vakantie 2000 wisten we dat de volgende vakantie (2001 !!) naar het Caribische eiland Bonaire zou gaan. Als duikersfamilie is dat niet echt vreemd als een eiland zichzelf Divers Paradise noemt. Dat willen we wel eens zien! Onderstaand onze ervaringen van een verblijf gedurende vier weken op dit geweldige eiland, een tropisch stukje NL op ruim 7000 km afstand.

Reis

We hebben, na enig zoeken, de KLM reis geboekt via Top Travel in bergen op Zoom. KLM is wel wat duurder maar het reizen met een van de andere maatschappijen (BelAir, ALM, Air Holland) leek wat onzekerder om allerlei redenen. Top travel hanteerde voor ons prima prijzen. Het reizen met KLM is overigens prima bevallen, de service is liet werkelijk niets te wensen over, hetgeen een reis van 9 uur toch dragelijk maakt. Het enige minpuntje was het toebedelen van de stoelen voor de terugreis, een activiteit die het lokale organisatievermogen (ALM) blijkbaar te veel op de proef stelt.

Klimaat

It's hot, hot, hot. De temperatuur schommelde steeds rond de dertig graden Celsius, dat wil zeggen 's nachts koelt het nauwelijks af. Dat laatste maakt het noodzakelijk om voor het slapengaan de airco aan te zetten zodat het de rest van de nacht koel blijft.

De lokale bevolking vertelde dat het sinds jaren niet zo warm en droog is geweest. Gedurende de vier weken heeft het maar één nacht geregend (1,5 cm!!!), ook al staan er steeds wel wolken aan de felblauwe lucht. Op het eiland waait steeds een stevige maar verkoelende -en dus aangename-zeewind. Haast niemand waagt het in het felle zonlicht te gaan zonnen, iedereen zoekt een min of meer beschaduwd plekje onder de bomen, in huis of op de porch.

Het droge en winderige klimaat heeft er voor gezorgd dat het natuurschoon maar wat povertjes is; maximaal haalbaar is: veel agaven en cactussen op een koraalstenen en lava ondergrond.

Bungalowpark Bonaire Exclusief

Via de familie Rus (www.bonairebungalows.com) hebben we de bungalow 27 op het Bungalowparkje Bonaire exclusief gehuurd, het lokaal zogenoemde Macamba-pleintje. Naar later bleek een gouden greep omdat de bungalows van een prima kwaliteit zijn, ruim en voorzien van alle gemak wat het  zeker voor gezinnen met kinderen erg goed vertoeven maakt. Voor de kinderen is er ook een klein zwembadje op het parkje.

De bungalow heeft twee slaapkamers met airco, twee badkamers en een grote woonkamer (met fan) met open keuken. De porch (overdekte terras) bevindt zich aan twee zijden van de bungalow waardoor er altijd een schaduwplekje gevonden kan worden, bijvoorbeeld om de eettafel of ligbedden te plaatsen. Het terrein is omgeven door koraalstenen muurtje waarbinnen een prachtige tuin ligt met agaven en andere subtropische planten. Het spoelen van de duikuitrusting kan gebeuren bij de buitendouche.

Leuk is ook dat de leguanen (kop/staart: 80 cm!!) en hagedissen vrij om het huisje heen rondlopen.'s Ochtends warmen de koudbloedige leguanen zich op liggend op een boomtak. Bij het ontbijt willen ze graag een graantje meepikken, ze tonen daarbij een zekere voorkeur voor bruin brood. Leguanen en hagedissen hebben soms felgroene kleuren, een prachtig gezicht. Jammer dat deze beesten door 'locals' bejaagd worden om opgegeten te worden (smaakt naar kip??). 's Avonds komen de gekko's (dit zijn kleine witte hagedissen) tevoorschijn. Jaag deze beesten zeker niet weg want ze vangen muggen etc. en "verjagen boze geesten".

De bungalow ligt op loopafstand van een grote supermarkt "Cultimara", een soort AH maar dan 20% duurder. Alles moet geïmporteerd worden, veelal vanuit Curaçao. Goederen worden mede daardoor onregelmatig aangeleverd hetgeen er toe leidt dat er soms schaarste ontstaat aan verse goederen zoals melk, yoghurt en aardappelen. Als die artikelen er zijn, is het verstandig een extra voorraad in te slaan. Voor de rest is alles er te koop, ook typisch Nederlandse zaken zoals drop, pindakaas en hagelslag. Kralendijk kent ook nog twee andere grotere supermarkten: één in de hoofdstraat en één bij het vliegveld. Voor non-food artikelen kun je het beste naar de Chinese winkeltjes gaan, rechts op de weg van Kralendijk naar Antriol.

Economie en Toerisme

De economie van het eiland drijft op drie pijlers, te weten olie (Bopec terminals voor opslag), zoutwinning (in het zuiden zijn enorme terreinen voor de zoutwinning) en toerisme. Vooral het toerisme is een factor van betekenis geworden de laatste tien jaar. Het concentreert zich vooral bij de grote ressorts (v/d Valk, Harbour Village, Capt. Don etc.). Tachtig procent van de toeristen komt uit de VS, de andere twintig procent uit NL. Veelal is het reisdoel: duiken. Op de ressorts worden de toeristen de hele dag bezig gehouden (duiken op het huisrif, bootduiken) en zij komen daardoor maar zelden buiten het eigen ressort. Een kleine minderheid huurt een Toyota/Mitsubishi pickup en onderneemt zelf een duiktour.

Mede door de hoge dollarkoers (f 2,55 per US-dollar) is het toerisme vanuit NL afgenomen de laatste jaren. Bovendien lijkt het erop dat het stimuleren van meer toerisme door de lokale overheid niet gewenst wordt. Dit alles betekent dat de economie inmiddels ernstige gebreken vertoont: veel leegstand (hotels, gebouwen, frictiewerkeloosheid etc.) enerzijds en schaarste anderzijds (goederen, geschoolde medewerkers). Velen klagen (terecht) over het gebrek aan perspectief (werk en scholing) en over de hoge prijzen. De lokale bevolking vertrekt redelijk massaal naar het beloofde land NL. Bonaire heeft daardoor inmiddels minder 10.000 inwoners!

Het allerdaagse leven in Kralendijk

Kralendijk is de belangrijkste stad van Bonaire maar eigenlijk stelt het niet zo veel voor. Het is klein en relatief stil. De potenties van Kralendijk worden nog niet volledig uitgenut. Winkeltjes etc. sluiten veelal om 18.00 uur en zijn vaak 's zondags dicht. Disko's zijn er niet meer. Tevergeefs zou je zoeken naar een boulevard met restaurants etc. Het avond- en nachtleven beperkt zich veelal tot 'De Tuin' en 'Karel's Pier'. Soms krijg je het gevoel dat Kralendijk uitgestorven is, ook tussen 12.00 en 14.00 uur.

Bij de Townpier staat iedere dag een stalletje met vers fruit en verse groenten. Een markt kent Kralendijk niet. Naar verluidt is die er wel in Rinkon (op vrijdag).

Bij het internetcafe "De Tuin" kun je goed eten en het is een trefpunt vooral voor Nederlanders. Het is er gezellig en de bediening is gemoedelijk, gastvrij en vriendelijk. Je kunt er ook poolen en internetten/e-mailen.

Eten bij het pizza-restaurant Bon……. Is een ervaring op zich. Het is een restaurant in de startfase, de slogan is: 'stop bij het enige stoplicht op Bonaire'. Je komt binnen via een gallerij met prachtige foto's van het ow-leven op Bonaire, de Amerikaanse eigenaar is tevens ow-fotograaf. Vervolgens mag je plaatsnemen aan een tafel (zes bierkratten met een houten plaat) waarop geserveerd wordt met plastic borden en een tegel om de enorme pizza op te zetten. De kwaliteit is prima en het is betaalbaar. Je moet er vroeg bij zijn want we hebben meegemaakt dat de pizza's gewoon op waren!

Op de parkeerplaats is een 'Mien Brons' kledingwinkel te vinden. Femke heeft daar kraaltjes in haar haar laten vlechten. Na een vijf uur durende zit een prima resultaat. Het was ook leuk op deze manier kennis te maken met het gezinsleven van de autochtone Bonairiaan, het verplicht bijverdienen voor een gezin met acht kinderen en vijf honden is geen uitzondering.

Openbare telefoons zijn er niet, bij de Telbo (Kaya Simon Bolivar) kun je telefoonkaarten kopen en kun je vanuit een zestal telefooncellen bellen.

In Kralendijk kun je op diverse plaatsen geld pinnen zowel in NaF als in US-dollars. De laatstgenoemden zijn het meest gewild al bestaat er een vast wisselkoers tussen beide (1,75). Voor het gemak rekende ik met 1,5 respectievelijk 2,5 voor de NaF en US-dollar ten opzichte van de HFl.

Duiken algemeen.

Het duiken wordt prima gefaciliteerd op Bonaire: de circa 80 duikstekken zijn gemarkeerd met fel gele stenen (kantduiken) of met boeien (bootduiken). Hierop staat de naam van de desbetreffende duikstek vermeld. Er zijn diverse kaarten verkrijgbaar met (uitgebreide) beschrijvingen van de lokale flora en fauna, de uitgave van het Bonaire Marine Park vond ik het handigste. Voor uitgebreidere informatie kun je terecht bij enkele boekjes die verkrijgbaar zijn in de lokale (duik)winkels. Ik heb zelf veel gebruik gemaakt van het boekje 'Diving en Snorkeling Guide to Bonaire' van Schnabel/Swygert (1991) dat een prima beschrijving geeft van de vele duikstekken.

In onze bungalow lag toevallig het boekje 'Duikgids van het eiland Bonaire' van Lina/Lammers uit 1981. Daardoor kon ik eenvoudig een vergelijking maken tussen 1981, 1991 en 2001. Het valt op dat er de laatste jaren veel veranderd is qua onderwaterflora en -fauna. Een aansprekend voorbeeld: waar je je aanvankelijk (1981) nog een weg moest banen tussen de hertshoornkoraal en de geweikoraal om in het water te komen en ter bescherming beslist met een duikpak met lange mouwen/pijpen moest duiken, ontbrak het genoemde koraal anno 2001 nagenoeg volledig op de eerste 5 meter.

Vooral de orkaan Lenny (1998) heeft veel schade aangericht. De genoemde kraalsoorten herstellen zich weliswaar redelijk snel (ze groeien 10 cm per jaar!) maar toch ben ik benieuwd hoe het koraal er in 2011 zal uit zien.

Het Bonairiaanse rif heeft een heel duidelijk profiel. Dat profiel is onderwater herkenbaar.

Bonaire is eigenlijk één groot beschermd mariene park. Een onafhankelijke stichting staat borg voor een goed beheer en ook het toezicht op de naleving van wet- en regelgeving is goed geregeld. Om het geheel te bekostigen moeten iedere duiker 10 us-dollar betalen aan de Stinapa en ontvangt hiervoor een penning die je aan je BCD moet bevestigen. Er wordt intensief gecontroleerd.

De duikstekken op Bonaire zelf zijn nagenoeg allemaal bereikbaar via land. Daardoor is het handig om de beschikking te hebben over een auto, bij voorkeur een pickup. Wij hadden een blauwe Mitsubishi L200 (via Rus) een krachtig vervoermiddel met dubbele cabine en de kinderen vonden het heel leuk achterin de laadbak te zitten. 's Ochtends haalden wij de volle duikflessen op bij de duikschool en brachten die 's avonds weer (bijna) leeg terug: "The Home of Diving Freedom" zou Capt. Don zeggen.

Klein Bonaire (klein eilandje aan de westzijde) is slechts per boot bereikbaar. Wij hebben met DiveInn twee duiken gemaakt aldaar (Ebo's reef en Bonavontura) maar vonden unaniem dat de fauna niet substantieel afwijkt van die van Bonaire zelf. Waarom zou je dus heel moeilijk doen? Wel is het leuk om (zo) een boottochtje te maken en onderweg wellicht ook nog dolfijnen tegen te komen.

Duiken op Bonaire doe je met een 3mm-shorty. Temperatuur en fauna noodzaken niet tot mee. Het water is immers warm (oppervlakte ca 28 graden, op 25 meter nog 25 graden). Het dragen van handschoenen is verboden (behalve op de wrakken). Vanwege de koraalstenen is het sterk aan te bevelen om te duiken met schoentjes en buitenvinnen. Binnenvinnen voldoen eigenlijk alleen als je uitsluitend bootduiken maakt.

Flessen en lood huur je bij de duikscholen. Er zijn er circa 14 duikscholen op het eiland, naar verluidt is dit ook het maximum dat toegelaten wordt. Vanuit dit gegeven is het ook duidelijk dat er geen grote prijsverschillen bestaan tussen de duikscholen onderling. Wij adviseren

als belangrijkste keuzecriteria te laten gelden. Wel is het goed steeds duidelijke (prijs)afspraken te maken, bijvoorbeeld: in- of exclusief tax en services, met/zonder logboek etc..

Lood en fles 12 liter/3000 psi kost bij een duikpakket circa $ 6-12, afhankelijk van de duikschool. Een guided dive of nachtduik kost je daarenboven doorgaans $ 20-30. GSM is niet duur.

Er wordt gedoken met aluminium flessen (veelal 12 liter) met INT aansluitingen die worden gevuld tot ruim 3000psi/200Bar. De duikduur ligt veelal rond de 60 minuten. Vanwege het shorty heb je minder lood nodig dan in NL, vanwege aluminium flessen daarentegen weer wat meer. Bij je checkdive (die is bijna overal verplicht) kun je de tijd nemen goed uit te loden. Als jezelf niet alle materiaal hebt, kun je dat overal huren. Ik vind het huren over het algemeen best prijzig (ca. f 75,=) waardoor je kunt overwegen het materiaal toch maar in NL te kopen. Het hebben (of huren) van een duikcomputer is (haast) noodzakelijk als je meerdere duiken per dag maakt en dat doe je al snel.

Aan de westzijde van Bonaire is er -ondanks de wind- haast geen stroming. Wel merk je bij de noordelijkste en zuidelijkste puntjes zoals bij Red Slaves (zuid) een toename van de current. In het oosten zijn de duikstekken haast niet beduikbaar. Getijdeverschil is merkbaar maar leidt niet tot grote hoogteverschillen of verschillen in stroming.

Het zicht onderwater is doorgaans prima, circa 25 meter met uitschieters van vijf meter naar beneden en naar boven.De zon staat loodrecht op het water en het water is veelal rimpelloos waardoor aan alle randvoorwaarden is voldaan om mooie ow-foto's te kunnen maken. Een flitser blijft echter noodzakelijk.

Duikschool Green SubMarine (GSM)

In het e-gastenboek van GreenSubMarine schreven we:

"We wisten vorig jaar al snel dat de zomervakantie 2001 naar Bonaire zou leiden: zon, zee en duiken/snorkelen naar hartelust. Het boeken van de vlucht etc. dat was niet zo'n probleem maar het selecteren van een goede duikbasis lag wat moeilijker. Uiteindelijk hebben we voor Green Submarine gekozen vanwege het milieu-aspect wat jullie hoog in het vaandel hebben staan (checkdive, clean up dive). Bij onze kinderen (12, 9 en 7 jaar) sprak het kind- en gezinsvriendelijke erg aan: junior-duikprogramma's, kinderopvang etc.. Achteraf gezien een gouden greep.

Marrit heeft met veel genoegen haar jr-Open Water brevet gehaald. De begeleiding door Rob was prima waardoor het bestuderen van de theorie en het in de praktijk brengen daarvan, heel natuurlijk verliep. Dat heeft haar ook gestimuleerd direct door te gaan voor haar jr-Advanced. Van de vijf duiken die ze in dit kader heeft gemaakt (navigatie, diepe duik, nachtduik, bootduik en opsporing/bergen) heeft ze werkelijk genoten en veel opgestoken. Ze heeft genoten van alle duiken maar haar hoogtepunten waren de nachtduik en de duik naar de Hilma Hooker. In mijn ogen beheerst ze de techniek erg goed en is ze "water- en duikvrij". Complimenten daarvoor aan Eric, Joke en Rob.

Femke en Joep hebben zich prima vermaakt tijdens de uurtjes dat wij als ouders aan het duiken waren. Keke en Puck waren prima speelkamaraadjes en dat geldt uiteraard ook voor de kindvriendelijke honden Waffie, Flippie en Doppie. Over het bouwen van boomhutten hebben Femke en Joep het nog steeds. Het gaf ons een geruststellend gevoel dat zij het naar de zin hadden en onder toezicht konden achterblijven bij jullie.

 Wij als ouders hebben gedurende de vier weken zo'n 32 respectievelijk 18 duiken gemaakt. Jullie tips welke duikstekken goed of minder goed zijn, waren erg waardevol. Zo kwamen wij bij Red Slaves, Barcadera, Andrea, Karpata, 1000 steps, Atlantis, Bopec, Hilma Hooker etc. prachtige en afwisselende duikstekken vol koraal en veel verschillende vis. De begeleide duiken naar de Saltpier, de Townpier en zeker die naar de Windjammer waren zeer de moeite waard. Ook het huisrif is zeer de moeite waard, ook 's nachts. Op de duikbasis kon iedereen op een relaxte manier telkens zijn verhaal met andere duikers delen (onder het genot van bier, cola of koffie) en in de literatuur opzoeken wat onderwater gezien was. frogvissen, zeepaardjes, snappers, groupers, schildpadden etc. zijn immers in NL geen allerdaags leven.

Zo dit is in het kort ons verhaal over Green Submarine, een duikschool die wij iedereen van harte kunnen aanbevelen. Wij komen zeker nog een keer terug naar Bonaire en komen dan graag weer bij jullie langs."

 Zie voor meer info de website van GSM: www.greensubmarine.com .

Flora en fauna OW

Iedere duik zie je weer andere aspecten van de flora en -vooral- fauna. Het is er simpelweg overweldigend te noemen. Er gaat geen duik voorbij of je ziet:

Eigenlijk is het te veel om op te noemen. Wij adviseren de geinteresseerden een goed boek te kopen over de flora en fauna in de Caribean. De boeken van Paul Humann zijn prima maar wel wat duur. Van dezelfde auteur zijn er waterbestendige "Reef …. In a pocket" verkrijgbaar, met duidelijke foto's zodat de herkenning een stuk gemakkelijker wordt.

Wij hadden het geluk dat in juli de Greet American Fish Count gehouden werd met leuke gratis lezingen over de vissen in het gebied. Daarnaast hebben we via Michel Trommelen kennisgemaakt met de wereld van zeepaardjes www.mtrommelen.com .

Voor meer algemene info kun je eens kijken op de volgende websites: ww.fishid.com of www.reef.org

 

De duikstekken die we bedoken hebben

Onderstaand een opsomming van de duikstekken die we bedoken hebben, met een korte vermelding van de bezienswaardigheden:

De duikstekken worden uitgebreider beschreven op internet www.bonaire.org of op http://home-1.worldonline.nl/~3swolters/bonaire.htm . Hoewel eigenlijk alle duiken prachtig waren, hebben Atlantis, Karpata en Red Slaves onze voorkeur om te duiken. Barcadera en Jef davis memorial zijn erg praktische snorkelplaatsen.

De grotere wrakken van Bonaire

Eerste wrak: De Windjammer, de Mairi Bhan.

In een duikverslag op internet had ik gezien dat er net voor de Bopec-olieterminal het wrak van de Mairi Bhan moest liggen. Hier ligt geen gele steen en er is ook niets over vermeld in de boekjes. Dit omdat het wrak te diep ligt voor de normale sportduiker.

Rob Bonke van GSM organiseerde op 25 juli voor de advanced duikers een trip naar de Windjammer. I.v.m. de diepte zou het waarschijnlijk een 'deco' duik worden, vooral gezien mijn decoduik die ochtend bij Red Slaves. Het wrak is van 1912 en het is zo'n 70 meter lang. Het ligt op zijn zij met de bovenzijde van het wrak op 46 meter. Hier heb je een geweldig uitzicht de diepte (60 meter) in, onder zie je verschillende grote vissen zwemmen, waaronder een heel grote tarpon. Het schip is vergaan nadat de lading in brand is geraakt en in slecht weer terecht is gekomen. De lading asfalt is uit het schip gelopen en vormt zichtbaar een soort 'tong' over de breedte van het wrak over de bodem. Deze windjammer had een romp welke met staalplaat bekleed was en dat is dan ook wat er van het wrak over is. Al het hout is inmiddels vergaan. Het was al-met-al een korte maar schitterende duik. Op internet vond ik onderstaand verhaal over de Mairi Bhan, toch wel leuk om wat achtergronden te weten:

"For quite some time the Mairi Bhan was know only as the "The Wind Jammer". There was even a movie that had been shot of folks supposedly trying to figure out what the ship was. Ellsworth Boyd, Shipwreck Editor, National Underwater and Marine Agency News dove the wreck and within a couple of weeks he had all the facts including photos of the ship and its building plans. Here is the "factual" story of what happened:

The Mairi Bhan is listed in Lloyd's Wreck Returns for the year 1912, when she sank off the coast of Bonaire while carrying a load of asphalt from Trinidad to Marseille, France. Built in 1874 for Englishman Paul MacIntyre, the 1315 ton iron clipper ship was constructed to ship hand-crafted goods from New Delhi to London, for a thriving import business. The vessel was built in Glasgow, Scotland by Barclay, Curle and Company, a well known ship builder. Mairi Bhan is Gaelic for "Bonny Mary."  Contemporary accounts called her one of the handsomest ships of the Pacific. Her maiden run from Glasgow to Port Chalmers, New Zealand was completed in about 75 days, outstandingly fast for the times. She plied her Pacific route until near the turn of the century, when she was sold to the Italian firm of Denegri and Mortola based in Genoa. The Italians turned her into a tramp sailer that maintained no specific route. She simply sailed from port to port wherever the cargo was destined. In 1912, the Mairi Bhan carried leather goods, fabrics, olive oil and marble from Italy to Trinidad. She traded this cargo for a load of asphalt and charted a course for Marseille. She rode the trade winds along the coast of Venezuela and was starting to make her northeast turn to cross the Caribbean when a sudden squall boiling out of the Venezuelan coastal mountains caught her. Captain Luigi Razeto, the ship's master since 1907, decided to make for the protected roads of Bonaire, but got blown past it up to the north. Razeto tried to double back down the coast but huge seas crashed into the ship, it ground on the reef and started to take on a list. The anchor was let go but wouldn't hold on the crumbling coral surface. Barrels of asphalt started to shift in the holds below and many broke open. The fumes built up and apparently were ignited by a kerosene lamp. There was an sudden explosion and a raging fire. Four crewmen were swept off the ship and perished before the remaining 28 managed to abandon ship, making the shore which was only yards away. The majestic clipper continued to heel to the starboard and water crashed over the deck and into the holds.  She slipped below the sea and her center mast snapped off as it snagged the shallow reef. The rest of the ship slid over it and down the drop off, dragging the broken rigging and anchor along. The ship ended its death slide at the bottom of the drop off, on it's starboard side with its keel facing the shore and its remaining masts pointing away from the reef, down the sloping bottom. The port rail is at 150 feet. The molten asphalt spilled out of the holds like lava, hardening on the bottom to form a flat black plane as the ship settled in to wait for the next humans to see it over a half century later.  She is covered with corals soft and hard, sea fans and sponges. A resident Green Moray and a large school of Horse Eyed Jacks have always been there when I have visited Her. the reef itself is very nice and provides great distraction for the long deco required to make this dive. "

 Meer info,zie http://www.geocities.com/pipeline/shore/4331/windjammer.html of op

http://albums.photopoint.com/j/viewPhoto?u=295302&a=11831496&p=42363290&f=0

 

Tweede wrak: De Hilma Hooker.

Een tweede -meer bedoken- wrak (welke Bonaire-duiker is er niet geweest?) is de Hilma Hooker. Over de geschiedenis van deze boot heb ik het volgende gevonden op internet. Ik heb ook kunnen achterhalen wat haar oorspronkelijke naam was (staat nog op het wrak!).

Regardless, when she 1984: Perhaps it was just the name that made someone suspicious or perhaps an inside lost power just off the coast of Bonaire and was towed to the main pier on the was not too long before a island, it search was conducted. Soon after that the cargo ship Hilma Hooker went into the books as a drug smuggler: history 25,000 pounds of marijuana were removed from between a real and a false placed on shore by the bulkhead and authorities

All of this immediately induced Bonaire dive operators to appeal to the government. They wanted the ship to be purposely sunk as a dive site. Hopes ran high as everyone wrote letters and called meetings to discuss a location for the sinking and what would be necessary to make the ship safe for diving once it was sunk. All these hopes and plans were soon dashed. The ship could not be sunk because it was evidence for the Attorney General's office of the Netherlands Antilles. If the owner was proven innocent the ship would have to be returned in the same shape it was in when confiscated. The Hooker, therefore, remained tied to the pier as legal processes moved on. Of course, leaving this unmanned ship tied to a pier was not only expensive but also dangerous because of the many leaks in the very poorly kept hull. The owner apparently was not about to come forward to answer questions and pay any maintenance or towing charges or dock time, not to mention possible jail time. It was necessary that something had to be done soon or the ship could sink right at the pier causing very expensive problems. A decision was made to move the Hooker to a permanent anchorage until all legal aspects were cleared. Owing to a great deal of foresight within both the government and the Bonaire Tourist Bureau, another meeting was called so the dive operators could suggest an anchorage that, in the event the ship should sink, it would be safe for navigation; cause the least amount of coral damage; and possibly, become a dive site.

After many months of being tied to the pier and pumped of water, on September 7, 1984 the Hooker was towed to an anchorage. As the days passed, a slight list became noticeable. The list was even more obvious one morning. The owner was still not coming forward to claim the ship and maintain it so the many leaks added up until on the morning of September 12, 1984 the Hilma Hooker began taking in water through her lower portholes. At 9:08 am she rolled over on her starboard side and, in the next two minutes, disappeared. As spectacular a sight as it was, hardly anyone watched the last few minutes of the Hooker's topside life. Within seconds after she disappeared from the surface she settled in 95 feet of water on her starboard side. There was no fanfare because it was not legally intended that the ship should sink.

The Hilma Hooker was a general cargo ship with a length of 71.8 meters. She is about 11 meters wide and her tonnage, 1,027. Prior to being the Hilma Hooker the ship was known as the Doric Express. Before that she was the Anna and before that the William Express. Before that she was the Mistral and before that, the Midsland! She was built In Holland in 1951.

Because the ship was being held as evidence in a drug case, nothing was allowed to be touched. The Hooker sank with everything on board. It is not one of those totally stripped wrecks made for diving but a true, honest-to-goodness shipwreck. This can create problems, though. The bunk rooms were still filled with debris such as beds, dressers and, occasionally, some articles of clothing. Many doors were still attached and those made from steel can be hard to move. A great deal of caution and discretion is necessary for anyone planning on diving the Hooker.

For those familiar with Bonaire, the wreck is in the area of the well known dive site called Angel City. This is a system with an inner and an outer reef separated by white sand. The Hooker rests on the sand bottom.

Only 90 minutes after she sank, the first divers went down on the Hooker. The harbormaster of Bonaire wanted to know if the wreck was deep enough not to be a navigation hazard. He needed this information as soon as possible. Exactly 50 feet of water was between the surface and the ship, making it plenty safe for navigation and diving.

A reddish brown haze surrounded the lower half of the wreck as rust and dirt settled out of the cargo holds. It was an eerie feeling seeing a ship that was floating on the surface only a few hours ago. The temporary low visibility added to the feeling. Already, many fish were looking over the wreck, probably arguing about who would get which room for a new home. A large ocean triggerfish swam slowly over the hull, apparently not taken aback by this new addition to its territory.

Air still bubbled out of various holes rusted through the hull at the waterline. It was obvious that little was done to keep this ship in shape except for its one main job of making some quick money. An occasional drop of oil, mixed with the air bubbles, slowly made its way to the surface. It was amazing how little oil there was. The only real pollution from the wreck was an odd piece of wood that someone will eventually find washed up on shore on another island or coast. Boats showed up the next day with many anxious divers waiting to get a first look at the Hooker underwater. Even from the surface it was obvious there was a shipwreck. Its outline, 50 feet below, could be seen easily from above. The visibility had already cleared up 100 percent and now one could see the entire ship in the crystal blue water.

The ship itself has two large deckhouses, one aft and one amidships. The galley and crew's quarters were aft. Amidships is the wheelhouse and chart room. In front of each is a huge cargo hold, completely open, with no debris. Below the aft house is the engine room: No one should venture here. Loose deck plates that once covered the bilge, and many other objects, are cast about haphazardly. There are countless Items upon which a diver could very easily get hung up. Visibility is very low with virtually no light penetrating the compartment.

Although the shipwreck has areas that are dangerous, it is still a wreck divers of all levels can fully enjoy if just a bit of good judgment is used. Beginners who want to explore it can easily stay at a depth of 60 feet and swim around the outside. Those with a bit more experience can dive to 70 feet and explore some open passages. This should be done with an experienced buddy. It should be planned well so no one gets too deep inside the wreck. Very experienced wreck divers may want to see as many different compartments as possible. The maximum depth is about 100 feet so everyone must really pay attention to bottom time and depth. One comment most divers make is that it is so easy to go a bit deeper than expected and for longer than planned.

Because of the size of the wreck, numerous moorings have been placed for the dive boats. All of Bonaire's dive shops visit the Hooker on a regular basis. Because it can be deeper than most, the trips to the wreck are usually the first dive in the morning. It would be very difficult to crowd this wreck. And, since it lies between two reefs, it is possible to finish the dive among the many varied corals in shallower water. Photographic possibilities are unlimited. One of the favorite shots is with a diver next to the large bronze propeller. Another is the outside steering wheel on the aft cabin house. This is near the funnel of the engine room, which is another favorite shot. Views down the passageways and silhouettes are spectacular in the clear water. These areas are all outside the wreck at reasonable depths, making picture taking possible for everyone. Many fish have made the wreck a permanent home.

For years Bonaire has looked for a ship that could be used as a wreck. With the Hilma Hooker, what began as a bad idea for someone turned into a lucky break for Bonaire and its divers.

 

Ferry van Dorst, augustus 2001

Terug naar Duikschool ADVANCED SCUBA DIVING's Reispagina